Wat maakt een goed portret tot meer dan een afbeelding van een gezicht? Vertelt een portret iets over het afgebeelde personage of is het louter een studie van verhoudingen, kleuren, licht en schaduw? Waar maak je als schilder of tekenaar het verschil met een pasfotootje?
Bij portretten ligt de nadruk (te) vaak op gelijkenissen en waarheidsgetrouwe weergave, daar gaan we in deze cursus bewust van afwijken. We starten met de basiskennis en gaan dan over naar experimenteel gelaagd werken met verschillende materialen, vormen en technieken. Wat wil zeggen dat we dus eerst de anatomie, verhoudingen en ruimtelijkheid van het gezicht bestuderen en het realistisch proberen vast te leggen om dan steeds meer vrijheid en afstand te nemen van het waarheidsgetrouwe op vlak van kleur, vorm, sfeer en zo misschien komen tot abstractie.
Hiervoor laten we ons inspireren door kunstenaars als David Hockney, Marlene Dumas, Celia Paul en Chantal Joffe. Ten slotte werken naar waarneming met een spiegel en door te poseren voor elkaar, maar ook door foto's en afbeeldingen uit tijdschriften en kranten te gebruiken als referentiebeeld.
Op www.opek.be vind je meer info over de bereikbaarheid en toegankelijkheid. Bij de eerste sessie word je onthaald door iemand van WISPER die je vertelt waar in/rond het gebouw je precies moet zijn.
Goed om weten als je hier een hele dag cursus volgt: voor de middagpauze kan je zelf een lunch meebrengen, ter plaatse iets bestellen in Café Entrepot of iets kopen in de Lidl om de hoek.

